Ontdekking van een Geologisch Paradijs: De Schatkamers van Al-Qurayyat

In een opmerkelijke stap heeft professor doktor Abdulaziz bin Abdullah bin Laboun, oprichter en voorzitter van de Raad van Bestuur van de Saudi Geologen Coöperatie, bevestigd dat de provincie Al-Qurayyat een van de meest geologisch rijke gebieden van het koninkrijk is, dankzij de verschillende soorten gesteenten en waardevolle mineralen die teruggaan tot honderden miljoenen jaren.

Volgens Laboun bevat Al-Qurayyat en de omliggende gebieden ouderdomsneigenesteenformaties die behoren tot de oudste gesteenten van het Arabische schild, met een ouderdom die teruggaat tot meer dan 542 miljoen jaar. Dit verleent de regio een uitzonderlijke geologische historische dimensie.

De gesteentetypen in de provincie variëren van tonaliet, granodioriet, gabbro, tot pyroxeensteen, naast de aanwezigheid van fijne sedimentaire lagen zoals zand- en kalksteen en groene leem op plaatsen zoals Al-Shajara, Unaizah en Khaf, evenals blootstellingen in de Khunaikiyah-regio.

Al-Qurayyat vertegenwoordigt een zeldzaam geologisch model van de intersectie tussen Arabische schildgesteenten en sedimentaire rotsen van de Arabische plattegrond, wat het een ideale bestemming maakt voor onderzoekers en studenten geologie vanwege de unieke variatie in gesteenten.

Professor Laboun onthulde dat de regio unieke geologische structuren bevat, waaronder breuken, falten en plooiingen, zoals de Maz’al plooi (Jebel Al-Shuqra), die een belangrijk wetenschappelijk monument is in geologische bouwwerkstudies.

De blootstellingen van gesteenten in Al-Qurayyat bieden praktische mogelijkheden voor het bestuderen van mineralen, evenals inzicht in de eigenschappen van sedimentaire rotsen bij het opslaan van grondwater, olie en gas, waardoor het gebied een natuurlijk geologisch laboratorium wordt.

Wat betreft economische mineralen, verklaarde Laboun dat de gebieden Al-Amar en Al-Khunaikiyah waardevolle mineralen zoals goud, zilver, koper, mangaan en zink bevatten, evenals tientallen oude mijnen waar deze mineralen sinds de oudheid zijn gewonnen. Hij weerlegde het bestaan van fosfaat in de gesteenten van Al-Qurayyat en bevestigde dat de voorwaarden voor de vorming ervan zich beperken tot het noordwesten van het koninkrijk.

Laboun benadrukte dat de regio belangrijke geologische processen heeft doorgemaakt, waaronder schollens en scheuren in de aardkorst, druk en hoge temperaturen, wat heeft geleid tot de vorming van metamorfe gesteenten en diverse mineralen.

Hetgebied dat zich uitstrekt van Al-Amar tot Al-Khunaikiyah valt binnen de Reïn-regio, een van de belangrijkste geologische streken in het oosten van het Arabische schild, bekend om zijn diverse samenstellingen en de rijkdom van zijn veldstudies.

Tot slot benadrukte professor Abdulaziz bin Laboun dat Al-Khunaikiyah een uitgestrekte historische mijn is, waarvan de sporen van oude mijnen nog steeds aanwezig zijn, als een getuigenis van de diepgewortelde minerale geschiedenis in Al-Qurayyat.